Nieuw subsidiebeleid in Purmerend - deel 1
Zoals de PvdA al langer betoogd is er een verandering in denken over de rol van de overheid op diverse maatschappelijke terreinen.
De overheid is niet langer probleemhouder en maatschappelijk instellingen zijn niet langer per definitie verantwoordelijk voor de oplossingen. Inwoners moeten meer bewust zijn van de rol voor hun eigen welzijn en het samen leven in een buurt. Veel wordt er tegenwoordig gesproken over de “eigen kracht”. Uiteraard moet er aandacht blijven voor die inwoners die om financiële of door andere beperkingen de kracht zelf niet hebben. Hen moeten we blijven ondersteunen, met als ultiem doel om hen zo goed en zelfstandig mogelijk mee te laten doen in de samenleving.
Tot voor kort was het nog zo dat instellingen om subsidies konden vragen om maatschappelijke problemen op te lossen en wensen in te vullen. Wij gaven geld aan de instelling en die ging er dan een maatschappelijk effect mee proberen te bereiken. Hierbij was vaak niet duidelijk welk probleem er nou mee werd opgelost, en ook was de effectiviteit vaak niet duidelijk. Omdat de gemeente ook fors moet bezuinigen en het niet de bedoeling is om met een kaasschaaf methode te werken, is met instemming van de PvdA besloten om het subsidie-proces opnieuw vorm te geven. In de toekomst zal het zo zijn dat de gemeenten de maatschappelijke opgaven vaststelt (wat willen we bereiken). Vervolgens kunnen de instellingen dan “inschrijven” op die opgaven met een plan hoe zij het willen uitvoeren. In totaal besteed Purmerend ruim 16 miljoen euro aan maatschappelijk subsidies.
Daartoe is door de raad het maatschappelijk beleidskader vastgesteld. De visie daarachter bestaat uit drie onderdelen:
1. Purmerend is een leefbare stad met een grote sociale samenhang in buurten en andere sociale netwerken
2. In Purmerend zijn de inwoners zelfredzaam en betrokken bij hun omgeving; ze nemen zoveel mogelijk hun eigen verantwoordelijkheid en ondersteunen elkaar onderling waar dat mogelijk is.
3. In Purmerend worden burgers die (tijdelijk) niet meer op eigen kracht kunnen meedoen of zich afgewend hebben van de maatschappij, ondersteund bij het (weer) op een volwaardige manier kunnen deelnemen aan het maatschappelijk verkeer.
Vanuit deze visie zijn vervolgens de maatschappelijk opgaven afgeleid. Daarover morgen in een volgend artikel meer.
Frank Alberts